Wijk bij Duurstede & Cothen & twee rivieren en een kanaal

Nederland, Wijk bij Duurstede

De dag ervoor, op de verjaardag van neef Diego, spraken we af dat (schoon-)zus Loes ons zou vergezellen tijdens onze wandeling in en rond Wijk bij Duurstede. Dus, zondagochtend, half tien sharp pikken we haar op in West Knollendam. Tassen achterin, Loes achterin and up we go to Wijk bij Duurstede. Echt wel weer even een stukje rijden, ruim een uur zijn we onderweg. Het weer is veelbelovend, het is zo zonnig dat de lucht niet blauw maar bijna grijs-wit is, vermoedelijk hangt er ook veel stof in de lucht, misschien wel weer ergens uit de Sahara? De zonnebrillen, petten en de zonnebrand factor vijftig zijn vandaag in elk geval geen overbodige luxe.
Echt warm is het overigens nog niet, zo rond de 22 graden, althans, als we om kwart voor elf de auto inparkeren op Keulenaar of Hagenaar, een van die twee straatnamen moet het zijn. In elk geval is het op het industrieterrein van Wijk bij Duurstede. Daar start onze wandeling vandaag, een flinke tippel van 18 kilometer, wederom een Komoot-wandeling en wederom in Utrecht, homeland van Ruut en ook van Loes. (Beiden geboren in de stad Utrecht, met 'n vader die tijdelijk in Culemborg woonde en tantes en ooms in allerlei andere Utrechtse dorpjes. Ruut met name heeft sterk het gevoel dat hij zijn geboortegrond wil ontdekken, nu alle oudere familie uit deze contreien het tijdelijke voor het eeuwige hebben ingewisseld. Vandaar dat we de laatste weken zo vaak deze provincie opzoeken.)

We verlaten al snel het industriegebied en komen bij een magistrale sluis, waar net een joekel van een aak in ligt te wachten tot hij door mag. We hebben geluk, net als wij arriveren, glijdt het gevaarte door het water, van het Amsterdam Rijnkanaal kwam hij en hier vaart hij zo door De Lek in. We laten dit indrukwekkende watermanagement-gebeuren achter ons en wandelen verder, een pad op richting Wijk bij Duurstede zelf, het oude stadje aan De Lek. Via een landelijk weggetje langs een watertje met fraaie nieuwbouwhuizen aan de overkant, belanden we eerst op een dijk langs De Lek die ons weer naar kasteel Duurstede leidt. Een waar snoepje voor het oog, dat kasteel, met een ophaalbrug en een fantastische binnenplaats waar het goed toeven is. We ploffen neer voor een kop koffie met een appeltaartje. Traditiegetrouw, als zestigplussers zijn we dan verplicht aan onszelf: koffie met appeltaart bij voorkeur met een dotje slagroom uit de spuitbus. Deze taartjes voldoen volledig aan dat beeld, ze zijn zelfs nog een beetje bevroren. We verkennen daarna nog de omgeving van het kasteel, gaan ook even plassen in een wel heel stijlvol historisch huisje met keurige toiletten. Een waar genot om daar te plassen.
Dan verlaten we Duurstede weer en wandelen via lieve oude straatjes met schattige huizen steeds verder door richting het centrum, of eerder de kade, van 't stadje. Wat pittoresk en historisch hier, vinden we. Vol bewondering en aandacht bekijken we huizenrij en een verhoogd stuk voor de voormalige markt, aan de rand, de huizen met uitzicht op De Lek iets verderop en flink lagergelegen. Bij een oude sluis (buiten werking) staat een hoogtemeter voor de waterstand van de rivier en naar blijkt is de rivier in 1993 en 1995 zo hoog gekomen dat de straat - de weg tot aan de rivier - meters onder water heeft gestaan. Indrukwekkend en ook angstwekkend moet zoiets zijn, als de rivier ineens de straat zo'n beetje instroomt, terwijl die gewoonlijk tien meter lager staat en honderd meter verderop stroomt.
We gaan weer door, laten de gezellig kade met terrassen vol keuvelende mensen achter ons en lopen naar de wel heel bijzondere en heel hoge molen: eentje met een poort, dat hebben wij Zaankanters, gewend aan de wat lagere groene houten molens, nu nog nooit gezien, zo'n in onze ogen, afwijkend modelletje. We gaan de poort onderdoor, komen aan de rand van 't stadje en daar mogen we gelukkig weer de straatjes in, want we zijn nog lang niet uitgekeken op deze leuke, mooie stad. We komen in 't oude centrum, vol met fijne winkeltjes, restaurantjes en cafeetjes. Ook hier is 't zo levendig, volle terrassen, gekeuvel en geroezemoes. Ook alweer zo'n plek waarvan we zeggen: 'hier gaan we nog eens naar toe om 't beter te bekijken. Maar, zeggen we even later tegen elkaar, als we Wijk bij Duurstede weer verlaten, wel gek dat we dag tegen onszelf zeggen want we zijn er nu toch? En we bekijken het nu toch goed?'

We zijn als we het stadje uit zijn, weer even in 't landelijke en wandelen door en door richting 't plaatsje Cothen. Dit deel van de wandeling leidt ons langs de Kromme Rijn. Links van ons een groot veld, eerder een park, waar honden vrolijk rond rennen en met elkaar spelen en de baasjes gezellig zitten te keuvelen op de bankjes. Rechts van ons dat mooie riviertje, niet al te breed, niet al te hoog - het water staat blijkbaar laag dezer dagen - en her en der zien we plekken waar je zo te water zou kunnen, zoals een klein strandje waar twee jongens lekker zitten 'te klooien' in het zand, half onder water. Dat ziet er aantrekkelijk uit, ook omdat we het inmiddels een beetje warm beginnen te krijgen, het is ' noon' de zon staat hoog aan de hemel, de temperatuur is gestegen. We krijgen een beetje dorst ook en hebben honger, ondanks de appeltaart, die is vast alweer zo'n beetje verteerd. Onder een paar grote, hoge bomen staat een fijne picknick tafel, waar een dame op het bankje zit terwijl haar zwarte Labrador enthousiast het balletje ophaalt als zij 'm weg gooit met zo'n soort ' balletjes-katapult'. Of we even aan mogen schuiven, vragen we beleefd en dat vindt ze prima. Diesel, de hond, de zwarte Labrador dus, komt meteen kennis met ons maken, wat een schat. Van weeromstuit vergeet hij het balletje uit zijn bek te laten vallen, hij begroet ons met dat knalgroene tennisballetje tussen zijn kaken geklemd. Af en toe gooit de vrouw het balletje weer een eindje weg en daar gaat Diesel weer. Wij onderwijl raken in een gezellig gesprekje met haar verwikkeld. We spreken onze bewondering uit voor deze fijne omgeving en ze beaamt dat aan alle kanten. Ze vindt het een heerlijk plek om te wonen. Ze woont in Wijk bij Duurstede maar beveelt ook warm Cothen aan, ons volgende doel. Dat maakt nieuwsgierig. Ineens mengt zich een andere zwarte Labrador in het spel, hij kent Diesel naar blijkt, samen rennen ze rondjes en proberen ze het balletje op te halen. De vrouw noemt 'm Baas, althans, dat verstaat Ruut. Of die hond echt Baas heet, vraagt hij. Ik had echter Bas verstaan, maar dan op zijn Uteregs uitgesproken, dat blijkt toch echt juist te zijn. 'Want, nee', zegt de vrouw, 'hij heet Bas' (maar ze zegt Baas ;-) ) . Wat weer leidt tot grappen over dat sappige taaltje: het Utrechts. De vrouw barst meteen los, schakelt over op haar streektaaltje, want, zegt ze, hier praten we hier in Wijk bij Duursteeds maar het is eigenlijk Utrechts. Ik vind haar zo'n leuk mens en haar hond ook zo lief, of ik haar even op de foto mag nemen, en de hond ook, vraag ik. Vindt ze prima en zo kiek ik het olijke drietal aan de picknicktafel en maak ik een flitsende reportage van Diesel die - zo lief - op mijn bevel keurig gaat zitten, de bal voor zich neerleg. So cute !!

We nemen afscheid en wandelen verder langs de Kromme Rijn. 'Wat is het hier zalig en wat is het hier mooi', vinden we. We wijken iets van de rivier af, komen in landelijk gebied, velden all around en daar zien we aan de verkeersborden dat we bijna bij Cothen zijn. Nog 1 kilometertje. We mogen een mooi landweggetje in, langs een rij wat oudere huisjes, allemaal wit gestuct, goed onderhouden. met van die romantische tuintjes vol riddersporen en bloeiende uienplanten en nog meer wilde-tuinen-bloeiers. Oogstrelend. Aan de overkant van de huisjes een veldje en volkstuintjes, het ziet er allemaal zo wonderschoon uit, sprookjesachtig. Op het veldje is een man aan het werk in korte broek met T-shirt, zo te zien heeft hij het gras net gemaaid, hij harkt nog de laatste beetjes bij elkaar. Ruut begint een praatje, zoals gezegd, ga met Ruut op stap en je voert gesprekjes met Jan & Alleman. Deze mijnheer vindt het heel leuk te horen, de complimentjes over zijn woonomgeving. 'Daar woon ik', zegt hij en hij knikt met zijn hoofd richting het meest linkse huis, de hoekwoning van de rijtjes witte huizen. Hij nodigt ons uit om mee te lopen, zijn achtertuin in, wat we graag doen, aagjes dat wij zijn. Terwijl we de tuin doorgaan, zijn vrouw zit aan de tuintafel te lezen en kijkt lichtjes verbaasd op; we wensen haar een goedendag en zeggen dat we wandelaars zijn. Ze knikt maar laat 't aan haar man, de rondleiding door hun lieflijke achtertuin. 'Nou, welkom in Frankrijk', zegt hij trots terwijl we trapjes afgaan, de tuin heeft drie niveaus, de onderste grenst aan de Kromme Rijn. Hij vertelt over de huisjes, 'al meer dan honderd jaar oud net als het boerderijtje hiernaast met rieten dak', zegt hij en ze hoorden vroeger bij het landgoed van het kasteel. 'Kasteel, Duurstede?' vragen wij. Nee, er blijkt er nog een te zijn in de buurt, bij Cothen. 'Ook een heel mooi plaatsje', zegt hij. Terwijl we naar de rivier kijken, pruttelt er een bootje met een buurman erin voorbij die ik zonder erg op de kiek had gezet. 'He, wel een balkje voor mijn ogen hoor', grapt hij. We vertellen de trotse huiseigenaar dat we even ervoor een groepje jongens tegen waren gekomen bij een brug over de rivier, ietsje terug, en dat die gastjes eerst heel resoluut zeiden dat echt niet het water in zouden springen en nee, we mochten geen foto's van ze maken, maar zodra ik ging staan fotograferen voelden ze zich toch wel ineens erg geroepen om stoer van de brug af te jumpen, zo drie vier meter de diepte in, het koude water in. 'Ja, dat hoorde ik hier', lacht de man. Blijkbaar ligt de brug dichterbij dan we dachten en we proberen 'm te zien maar de bocht is te groot, we zien de jongens niet meer, net zomin als de visser op de vlonder vlakbij de brug, die visser die er niet heel blij mee was dat er ineens drie jongens vlak voor zijn hengel het water in sprongen en rond plonsden.
We nemen weer afscheid van de man en ook van zijn vrouw, grappen dat we aan huizenruil doen, 'net geregeld', zeggen we. 'Jullie naar ons rijtjeshuis in Krommenie, wij komen hier wel wonen. '

En voort gaan we weer, we zijn er bijna, Cothen en ja hoor, daar doemt de rand van het dorpje op. Veel mooi oude huizen en fraaie tuinen, een kleine kerk en weer zo'n grote hoge molen, zonder poort maar ook erg indrukwekkend, midden in het dorp. We verlaten het centrum, mogen het dorpje alweer uit. Schattig, aan de overkant loopt een grietje van een jaar of vier achter haar rieten poppenwagentje. Hier kan dat nog, als klein grietjes met je poppenwagentje over de stoep wandelen, even naar wie dan ook. Het dorpje zelf is heel stil, zondagse rust, vermoeden wij. Zou het hier gelovig zijn? Er wordt zelfs niet op het land gewerkt. We kuieren door het kleine centrum en via een nieuwbouwwijk vol grote grote huizen verlaten we Cothen weer. Lopen even mis, links, rechts? We gaan links en dat blijkt goed. We komen op een lange, stille tweebaansweg, links van de weg is een stukje, heel smal, voor wandelaars en fietsers gemaakt. We voelen ineens weer dat we een beetje moe zijn, het is echt flink warmer geworden, 23 misschien zelfs wel 24 graden? Ik krijg helemaal een ' rauwe strot' door de warmte en de droogte. We zoeken een lekker plekje om even te zitten, vinden een door bomen omzoomd stuk berm naast een peren-boomgaard. De peertjes zijn nog maar net getransformeerd van bloem naar vrucht, met hun bolle buikjes aan hun langgerekte lijfjes hangen ze daar, te schommelen in het windje dat ineens op is komen zetten. Wat zitten we daar heerlijk. Drinken water, eten een appeltje, peuzelen nog een boterhammetje weg. Het is eind van de middag, rond vier uur, half vijf. We hebben al zo'n vijf en een half uur getippeld, met een wat langere pauze natuurlijk bij Duurstede (koffie met appelgebak) en wat langzamer gewandeld in het centrum van Wijk bij Duurstede. En lekker zitten kletsen met de vrouw met de hond. En lekker staan kletsen met de trotse eigenaar van het witte huisje aan de Kromme Rijn. Dus, eigenlijk heel niet gek qua tijd, dat we er nu al bijna zijn, want dat zegt Komoot, nog vier a vijf kilometertjes en dat zit het erop. Gemiddelde wandelsnelheid is zo'n 5 km per uur, ook best wel pittig. We kunnen weer trots op onszelf - twee 60-plussers en een eind vijftigster - zijn. Helaas, dat we een dagje ouder worden, laat zich deerlijk voelen bij het opstaan, oei, wat zijn die pootjes stijf!!! We moeten helemaal de beentjes schudden om weer op gang te komen. Maar, dan gaan we ook weer als een speer. 'We moeten naar het Amsterdam Rijnkanaal, aldus Komoot', vertel ik Ruut en Loes 'maar als je hier zo loopt heb je daar toch geen enkel idee van.' Om ons heen licht glooiende groene weilandjes, omzoomd door prachtige bomen, verschillend bomen ook, wat het zo'n heel ander landschap maakt dan bij ons in Noord Holland, vinden we, zoals De Beemster en West-Friesland. Kilometers laaggelegen poldergebied, kilometers grasland, dat heb je bij ons, tegenwoordig merendeels onbewoond want die scheten-latende koeien moeten maar op stal blijven. Hier staan trouwens best veel koeien zo her en der in de landerijen, bruine en zwart-witte. En zo vergelijkenderwijs wandelen we door en door en ineens staan we aan de rand van het Amsterdam Rijnkanaal. Waar net weer zo'n ineens grote Aak voorbij pruttelt. Linksaf moeten we en daar lopen we dan de laatste kilometertjes van deze fraaie wandeltocht weg te wandelen. Rechts dat grote glinsterende kanaal, om ons heen de bomenrij die voor verkoelende schaduw zorgt. En in de verte - het komt steeds dichterbij - het industriegebied van Wijk bij Duurstede. Wat we bij de start helemaal niet hadden opgemerkt, dat we daar zo dicht bij dit kanaal waren. Als we door het openstaande hek het havengebiedje bij het industrieterrein betreden, is de wandeling over & uit. We kuieren er nog even rond, bekijken het grote schip voor anker dat volgens Loes bijna dagelijks langs haar huis aan de Tapsloot (een aftakking van De Zaan) vaart. Dus die gaat nog even op de foto, voor thuisblijver (want hij moest werken vandaag) Toon. Als bewijs.
Best wel een beetje moe doen we de laatste metertjes met de stappenteller in de hand, we zitten net nog onder de 18 kilometer en dat zit ons niet lekker. Het voelde juist veel meer dan 18, als 20 of 22 kilometer, vinden we. 'Misschien komt het wel door de warmte en de felle zon vandaag', bedenken we. 'Het voelt daardoor zwaarder.'

Vlak voordat we weer in de Mazda stappen, google maps ik nog even op de beste ijssalon in deze contreien en dat blijkt Martello te zijn in Doorn. Dus, up we go! Op naar Doorn, ook alweer zo'n oogstrelend stadje en blijkbaar zo toeristisch dat op zondagavond bijna alle winkels gezellig open zijn en waar het goed toeven is in het centrum vol terrassen. Als we onze ijsco's op hebben - OMG, wat zalig - kuieren we langs de gezellige terrasjes en ach, hoe komt dat toch, ineens zitten we achter een bord lekker eten - want honger hebben we - gelardeerd door een lekker drankje met koffie toe. Nog heerlijk warm in het avondzonnetje. Pas rond acht uur verlaten we dit sprookjesachtige dorp, zien dat Leersum hier vlakbij ligt, daarover vertelde onlangs nog een serveerster van Wellnes-centrum Soesterberg, dat daar een paar jaar geleden een dood-enge valwind pats boem in een minuut of wat, duizenden bomen had doen knappen en nog veel meer schade had aangericht. Zulke rare weer-fenomenen blijken hier voor te kunnen komen, doordat het heuvelachtig is, hoe laag de heuvels ook zijn, het kan aan de ene kant regenen en aan de andere kant kan de zon schijnen. En er kunnen dus enge valwinden ontstaan door die verschillen in atmosfeer, blijkbaar.

Rozig, af en toe gapend, toeren we weer terug naar het Zaanse. Alweer valt ons op hoe raar er wordt gereden op de zondagavond. De weg is behoorlijk druk en net als vorige week, wordt er lukraak ingehaald, voorgesorteerd zonder dat bestuurders kijken. Nu schuift er een vrouw zomaar naar links, ze wil blijkbaar van rijbaan wisselen maar ze ziet helemaal niet dat wij vlak naast haar rijden. Hoe het is mogelijk. De verwensingen vliegen door de auto, deze anders zo keurige mensjes, oud en wijs ook, schrikken zo en zijn zo boos ... 'Oh, sorry', mimet de vrouw en ze schuift haar auto weer naar rechts. 'Doos, stomme doos!!!' roepen we nog en rijden mopperend verder. Zien een vrouw - wij zitten best wel hoog - onder ons rustig zitten appen achter het stuur, terwijl het superdruk is.

Anyway, het was een prachtige dag, vol zon, vol mooie gesprekken, vol natuurschoon, twee rivieren, De Lek en De Kromme Rijn mochten we bewonderen en het Amsterdam Rijnkanaal. Wijk bij Duurstede en Cothen blijken beeldschoon, wat een ontdekking weer!
Loes wordt netjes voor de deur afgezet en wij komen pas rond half tien weer in Krommenie, hoeven dit keer niet nog een hapje te koken maar kunnen meteen lekker even chillen op de bank, fotootjes processen.


Geschreven door

Al 4 reacties bij dit reisverslag

Wat heb je de wandeling, en alles wat er bij kwam, weer mooi beschreven Ilse! Wat een ervaring ben ik rijker..ik wil juliie nogmaals bedanken voor deze prachtige dag. Ik zal het nooit vergeten...een pareltješŸ‘Œ

Loes 2023-06-05 11:41:17

Wederzijds ,Loes, het was een heerlijke dag, zo met zijn drietjes, wandelend door dit wonderschone stukje van Utrecht. Mooie herinnering samen gemaakt. Tot snel weer, dan gaan we weer met z'n viertjes op pad.

SoulVoet 2023-06-05 12:58:10

Prachtig verhaal en een schitterende omgeving met mooie fotoĀ“s!

Heleen 2023-06-05 17:39:27

Dankjewel Heleen :-) Zo'n fotogenieke omgeving, dat moet wel mooie foto's en een mooi verhaal opleveren :-)

SoulVoet 2023-06-05 18:04:01
 

Over deze reis
Aantal reisverslagen:
GPS afstand deze dag:
GPS afstand totaal:
Aantal foto's:
Laatste verslag:
Reisduur:
Reisperiode:

Of schrijf je reisverhalen via de app

Met de Pindat App kun je offline reisverhalen schrijven en foto's toevoegen. Zodra je weer internet hebt kun je jouw verslagen uploaden. Ook via de app plaats je gratis onbeperkt foto's.



Klik op 1 van onderstaande knoppen om de app te installeren.